Bayliner

Artikel - Bayliner


Als s'werelds grootste botenbouwer van sportboten en cruisers tot 35ft, is Bayliner het aan haar stand verplicht de modellenlijn door te ontwikkelen en aan te passen aan de laatste wensen van de markt. De nieuwe Bayliner 300 sportcruiser is daar een voorbeeld van. Het is het eerste model in een nieuwe lijn cruisers waarbij een ruim opgezet interieur en cockpit het meest in het oog springend zijn. tekst & fotografie Laurens Koster

Hoe het begon

De Bayliner Marine Corp. is opgericht in 1955 hoewel de naam Bayliner eigenlijk nog wat langer bestaat. In dit jaar kocht J.Orin Edson de naam en startte zijn eigen productie in runabouts. Voorheen was Edson een succesvolle verkoper van dit soort boten en marktleider in de verkoop van Mercury Marine motoren. Zo succesvol dat vaak de gehele productie van enkele bouwers via Edson aan de man gebracht werd. Om continuïteit te kunnen waarborgen is de handelaar uiteindelijk dus ook producent geworden. Dat heeft zo zijn voordelen die tot op de dag van vandaag hun uitwerking niet missen. Allereerst zijn daar de enorme verkoopaantallen die aangeven dat Bayliner kennelijk feilloos de wensen van het grote publiek om weet te zetten in een boot zoals iedereen die wil hebben. Met flink wat vermogen om snel ergens te zijn, veilig en comfortabel zodat je er geen helm bij nodig hebt en met het hele gezin eropuit kan trekken. Modern en sportief vormgegeven zonder al te agressief voorkomen, en een interieur wat doorgaans pas op een maat groter te vinden is. Als dit dan ook nog kan worden aangeboden voor een prijs waar de concurrentie uitermate zenuwachtig van wordt, is het succes van Bayliner door de jaren heen nader verklaard. In Nederland is het concept eveneens goed aangeslagen. Voor velen zal deze naam als eerste boven komen drijven als er een merk speedboat moet worden genoemd. Niet verwonderlijk natuurlijk, value for money past na vertaling prima bij onze landsaard.

Aan dek
We zijn te gast bij Holland Sportboat Centre in Amsterdam om de nieuwe 300 eens nader te aanschouwen. Buiten op een trailer staat een zwarte, vers uit de verpakking. De hoogte van het vrijboord komt in deze positie wel heel goed uit. Er is maar weinig onderwater en veel erboven. Dat komt mede omdat de gangboorden achterwege zijn gelaten. Het minuscule richeltje wat vaak wordt toegepast op dit soort boten en eigenlijk toch niet voldoet is ten goede aan het interieur en cockpit gekomen. In het water ligt een blauwe 300 vaarklaar, de hoogte is dan veel minder opvallend. Prominent is wel de forse beugel over de kuip waarop verlichting en een antenne kan worden geplaatst en waaraan de twee bimini's kunnen worden bevestigd. Instappen gaat via het zwemplatfom. Het buitenverblijf geeft een uitermate ruime eerste indruk. Over de volle breedte van de boot kunnen 9 CE gekeurde opvarenden gelijkvloers een zitplaats vinden. Met drie banken is dat best lastig kiezen. In het achterschip is een hoekbank met tafel naast de ingang te vinden. Aan bakboord een wulps rondlopende langsbank met aansluitend een wasbakje voorzien van een koeling eronder. De stuurbank is natuurlijk het meest interessant. Deze nieuwe Bayliner heeft twee Mercury's onder de kuipvloer staan wat ook terug te vinden is op het dashboard. Een indrukwekkend aantal klokken voorzien in alle informatie. Een minstens zo indrukwekkend aantal knoppen doet vanalles in werking treden en, we zijn er nog niet, ook alle zekeringen zijn op een fraaie wijze in de layout van de stuurplaats opgenomen. Een kaartplotter en dieptemeter zijn al ingebouwd maar er is nog steeds plaats voor meer instrumenten. Welke kunnen we alleen even niet verzinnen. Naast dit al is ook in een stuurwiel en motorbediening voorzien. De bank is tweepersoons en volledig draaibaar. Zo ontstaat op een ankerplaats een riant buitenverblijf met flink wat loopruimte en zitplaatsen rondom. In de vaarstand kun je met z'n tweeën aan de gang, op de in hoogte verstelbare zitting. De kussens zijn van waterbestendig vinyl maar niet uitneembaar. Het is de bedoeling om de boot af te dekken zodra ze in de haven wordt achtergelaten. Met behulp van de beugel over de kuip is dat een karwei wat probleemloos snel te doen is. Naar voren lopen gaat door het midden van de boot. Een stevig polyesterdeel doet dienst als trap waarna je door het windscherm de weg naar de klampen of het ankergerei kunt vinden. Op het voordek kunnen aan de zijkanten een tweetal zonnematrassen worden bevestigd met drukkers. Het dek ter plaatse loopt wel wat af maar er valt prima op te lopen zonder het gevoel of de kans weg te glijden. De trap in de kuip is tevens de ingang naar de kajuit. Het geheel schuift zijwaarts achter het instrumentarium weg. Een mooie oplossing, geen draaiende deur die geopend in de weg zit of losse rondslingerende schutborden. Het is daarbij ook bedoeld als trap dus stevig. Voor een kajuitingang zelfs overgedimensioneerd.

Efficiƫnt interieur
Het interieur van de Bayliner 300 geeft eenzelfde ruime indruk als de cockpit buiten. De betimmering is in kersen maar hout is in dit interieur meer een accent. Plafonds en wanden zijn met wit vinyl afgewerkt en de kussens komen in een lichte crèmekleur. De kombuis, meeste kastfrontjes en de deuren naar de natte cel en achterkajuit zijn in kersenfineer. De vloerbedekking is ingelijmd dus vast. Het loopgedeelte van de vloer is wel weer voorzien van een teakdeel zodat een keer wild koken geen gevolgen voor het tapijt heeft. De kombuis is ruim voorzien van kastjes. Het aanrecht heeft een spoelbak, voldoende werkruimte en een alleraardigst fornuis in zich. Deze tweepitter werkt elektrisch zodra er beschikking is over walstroom en op spiritus om ook achter een anker toch te kunnen koken. Tegenover de kombuis is een dinette te vinden. Een mooie ronde bank met een helaas te wiebelige tafel, met de pinda's zal het nog wel lukken maar een glas wijn gaat om als je iets te hard tegen de tafel stoot. De bank en tafel staan op een verhoging zodat je zicht naar buiten hebt door de patrijspoorten en katachtig vormgegeven lichtranden. Een drietal dakluiken doet daar qua lichtinval nog een schepje bovenop. Een hoofdschot is er niet. Salon en het tweepersoons bed voorin gaan naadloos in elkaar over. Een gordijn kan dichtgetrokken worden om toch enige afscheiding te creëren. Zo geheel open geeft dit binnenverblijf geen moment het gevoel ergens opgesloten te zitten, ruimte en licht in overvloed. Naast de trap is de toegang naar de achterkajuit. Een verassing dat hier dus ook nog voldoende ruimte voor te vinden was. Twee personen vinden hier dwarsscheeps een slaapplaats. Groot genoeg voor volwassenen maar in de visie van de producent toch vooral ook geschikt als hut voor de kinderen. In deze Bayliner ligt een knuffelbeer ons aan te staren om dat nog eens te benadrukken. Het is inderdaad een ideale plaats kindjes in te ruste te leggen terwijl buiten of in de salon het feestgedruis dan nog even mag doorgaan. Het zekeringenpaneel in deze achterhut is alleen wel wat uitnodigend voor peuterende kindervingers, daar zou dan nog een kastje omheen moeten. Ook is bij de instap van het bed in een prettig leeslampje voorzien. Erop zit echter een venijnig klein palletje om hem aan of uit te doen. Het is voorstelbaar dat een ravottend kind dit afbreekt of zich eraan openhaalt. Verder is de ruimte netjes afgewerkt. Licht en ventilatie komen door twee patrijspoorten in de romp en kuip. Beide kunnen open. Zowel hier als door de hele boot is iedere hoek en gat gebruikt voor bergruimte. Uiteraard onder het bed maar ook de kopse kant klapt naar voren voor een extra kast. Tegenover de achterkajuit is aan de andere zijde van de boot de natte cel gesitueerd. Van binnen geheel uit polyester opgetrokken, afgeronde hoeken en een naadloze overgang van wand naar plafond en vloer maakt dat schoonmaken zo geen straf is. Er is ruim stahoogte onder de douche. Het toilet wordt dan wel nat. Verder een keurige wastafel met spiegel erboven.

De techniek
Weer in de kuip zijn de motoren onder de achterste helft van de kuipvloer te vinden. Een handvat is niet te vinden, met een druk op de knop gaat de klep omhoog waarbij de tafel in de kuip kan blijven staan. Een helft van de hoekbank achter klapt vernuftig in zodra de motorkap bediend wordt. Beide motoren zijn dan prima bereikbaar. Deze Bayliner is voorzien van een tweetal Mercruisers met een cilinderinhoud van 4,3l. Het geleverde vermogen is 220 PK (164kW) bij een toerental tussen de 4400 en 4800 RPM. De motoren hebben elektronisch geregelde injectie en drijven een tweetal Bravo III staartstukken aan. Deze duoprops met tegenelkaar in draaiende schroeven nemen het wieleffect bij achteruitslaan weg. Vooruit is er meer koersstabiliteit en zorgt het ervoor dat de boot als op rails door de bocht gaat.

Het water op
Op het water maakt de boot z'n eerste positieve indruk verder waar. Het starten van de motoren is al een genoegen op zich, met een ingetogen brul komen ze een voor een tot leven en laten hoewel op de achtergrond toch horen dat ze er zin in hebben. Trillingen zijn niet waarneembaar. Deze 300 is niet voorzien van een optioneel te verkrijgen boeg- of hekschroef. Er zijn twee motoren waarmee je de boot om de as kunt laten draaien dus echt nodig is het niet. Bij het dwars uit- en inparkeren is het ouderwetse afduwen of -houden toch nog net nodig. Verder laat deze Bayliner zich probleemloos overal naartoe dirigeren. We varen door het modderige water tussen IJburg en het vaste land. De dieptemeter geeft 0,6meter aan wat kennelijk genoeg is. De boot steekt ongeveer 0,64m in het water. De Schaefferbrug levert met een boothoogte van een krappe 3 meter geen probleem op. Het daarachter gelegen IJmeer geeft de mogelijkheid de gashendels verder naar voren te duwen om deze Bayliner eens te laten doen waar het ook voor bedoeld is, sensationeel snel naar een leuk eilandje of ankerplaats. Die bestemming mag in deze boot best wat verder weg liggen. Met dik 40 knopen (74 km/u) op de snelheidsmeter beweegt de boot zich lekker soepel door de golven. Het vaargedrag is zowel rechtuit als in de bochten stabiel en voorspelbaar. Met de trimvlakken is de boot gemakkelijk in de juiste stand te zetten. De motoren blijven onder dit geweld op de achtergrond aanwezig. Je kunt ook op topsnelheid nog steeds zonder inspanning een gesprek voeren. Varen met deze Bayliner is naast veel fun toch ook uitermate ontspannend. De geplande bestemming zou dan wel eens veel te snel in zicht kunnen komen.

Zo ook voor ons, een rondje Pampus is gedaan voor je er erg in hebt. Deze Bayliner heeft zich daarin ontpopt tot een sportieve allemansvriend. Een sterk punt van Bayliner is de prijs voor de geboden waar. Bij dit nieuwe model is daar geen uitzondering op gemaakt. De vanafprijs is met 120.000 euro in vergelijking met soortgelijke cruisers zeer scherp te noemen. De kwaliteit hoeft daar niet onder te lijden. Een gigant als Bayliner, onderdeel van de nog grotere gigant Brunswick, koopt materiaal en grondstoffen dermate groot in waarmee op de inkoop al een voordeel ontstaat waar een kleinere concurrent het moeilijk mee heeft. Daarnaast is het bouwen van 100 boten in een goed geoliede fabriek per stuk goedkoper dan een serie van 10 in een opgewaardeerde loods van een regionale bouwer. Het scheepse wordt daarmee wel een beetje losgelaten. Het is wat minder een boot van een werf en wat meer een product uit een fabriek.

Maten en gewichten:
LOA: 9,30 m
Breedte: 3,05 m
Doorvaart: 2,90 m
Diepgang: 0,64 tot 1,03 m
Wvpl: 4,1 T
Motoren: 2 x Mercruiser 4,3 l
MPI 220pk/164 kW
Brandstof: 450 l
Water: 125 l

Facebook Comments "Bayliner"